Het energielabel zoals we dat nu kennen, bestaat om twee redenen: de urgentie rond klimaatverandering, en een wettelijke verplichting die de overheid daaraan heeft gekoppeld.
Waarom een energielabel: de aarde warmt op
De opwarming van de aarde wordt grotendeels veroorzaakt door de uitstoot van broeikasgassen zoals CO2. Een fors deel daarvan is afkomstig van woningen. Om die impact meetbaar te maken, is de regelgeving rond energielabels ontstaan.
Met dat label krijgt elke gebouweigenaar concreet inzicht in de energieprestatie van zijn pand. Tegelijk moedigt de overheid hiermee verduurzaming aan, denk aan isolatie, zonnepanelen of een (hybride) warmtepomp.
Waarom een energielabel: het is wettelijk verplicht
Naast de klimaatreden is het label simpelweg wettelijk verplicht. Verkoop, verhuur of nieuwbouw van een woning of bedrijfspand vereist een geldig energielabel. Ook in advertenties, of dat nu op Funda is, bij een woningcorporatie of in een socialmedia-advertentie van een makelaar, moet de labelklasse zichtbaar zijn.
Kun je geen geldig label tonen, dan riskeer je een boete. Handhaving hiervan is in handen van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).
Er gelden wel een paar uitzonderingen op deze verplichting. Voor de volgende gebouwen is geen label nodig:
- monumenten;
- gebedshuizen, zoals kerken en moskeeën;
- losstaande bijgebouwen met een oppervlakte tot 50 m²;
- agrarische bedrijfsgebouwen bedoeld voor opslag of bewerking;
- panden die korter dan twee jaar gebruikt worden, zoals noodgebouwen en bouwketen;
- recreatiewoningen die minder dan vier maanden per jaar bewoond worden;
- gebouwen zonder installatie voor klimaatregeling, zoals schuren of garages.